Ik geef het maar direct grif toe; ik zie boeken als rijkdom op papier. Ik houd van boeken, vooral fotografie boeken. Ik heb een flinke verzameling en ze geven me iets dat foto's op internet me nooit kunnen geven. Zonder de vluchtigheid van het scrollen kun je foto's tot je door laten dringen en kun je je mee laten voeren door de visie van een ander. Heel af en toe komt er een boek binnen dat me de adem beneemt, vanaf de eerste pagina. Heel af en toe schittert de verwondering van het papier, voel ik me meegezogen in de magie zoals die is verbeeld door een getalenteerde fotograaf. Dit gebeurde toen ik het boek Flowerscapes van Theo Bosboom opensloeg na een dag lesgeven. De helderheid van de beelden, het leven zelf dat van de pagina's spat....Adembenemend mooi en tegelijkertijd ook hoopgevend en zelfs tot bescheidenheid dwingend. De natuur in al haar complexe ultieme schoonheid die maar één ding nastreeft; leven, tot wasdom komen, naar de hemel rijken.

Ik dacht dan ook meteen dat ik Theo graag de kans wilde geven meer te vertellen over zijn project waarin hij bloemen, waar we meestal aan voorbijlopen zonder ze een blik waardig te gunnen, vanaf de bodem omhoog fotografeerde, als van het standpunt van een insect. Wij denken te weten hoe de wereld eruit ziet, maar dat is alleen gebaseerd op ons menselijk perspectief. Er is een wereld die alleen zichtbaar wordt door omhoog te kijken vanaf de grond. Theo gebruikte hiervoor een speciaal objectief dat essentieel was om dit project zo vorm te geven zoals hij het voor ogen had.
Ik schreef Theo, die ik al kende, en vroeg hem of hij mee wilde werken aan dit interview, dat ik zowel in het Nederlands als het Engels op mijn blog heb staan. Hij stond er meteen voor open en zo stuurde ik hem een lange lijst vragen die hij met veel geduld heeft beantwoord. Ik heb dit schriftelijk gedaan, omdat ik hem de kans wilde geven om zijn antwoorden precies te formuleren en er een tijdje op te broeden indien nodig.

Als ik jullie dus één boek aan kan raden dan is het Flowerscapes. Het is te koop op Theo's website, waarvan de link onderaan het interview staat.
Na deze introductie geef ik dan nu de ruimte aan Theo om over zijn project en zijn werk te vertellen:
Het boek is inderdaad vooral gericht op inheemse soorten, hoewel er ook een enkele ingeburgerde soort tussen zit. Ik heb me vooral gericht op bloemen die iedereen wel kent en die je op veel plekken kunt vinden. Bij die bloemen was het vervreemdende en verrassende effect van het fotograferen van onderen namelijk het grootst. Ik had wel een paar soorten op een wensenlijstje, maar verder is de collectie gaandeweg ontstaan. Overal waar ik mooie en interessante bloemen zag, heb ik geprobeerd ze op een goede manier te fotograferen. Toen het plan voor een boek er eenmaal was, heb ik wel geprobeerd om voldoende afwisseling te krijgen in soorten bloemen en ook in soorten habitat (zoals het bos, bloemenvelden en de kust).
Ik vind het altijd een leuke uitdaging om de ‘gewone’ natuur die we allemaal kennen op een andere manier vast te leggen. Als dat lukt, heb je ook gelijk de aandacht van het publiek. Door het gebruik van deze lens en de blik van onderen ben ik zelf ook op een andere manier naar bloemen gaan kijken. Een bloem die normaal gesproken heel fotogeniek is, hoeft dat niet te zijn met deze lens en andersom. Uitgebloeide paardenbloemen stonden overigens bovenaan mijn lijstje om te fotograferen met deze lens, omdat ik van tevoren al geprevisualiseerd had hoe de foto’s eruit zouden kunnen zien. Ik heb er heel veel foto's van gemaakt en het was lastig kiezen welke in het boek opgenomen zou worden, omdat ik per bloemensoort maar een foto heb gebruikt.

Net als bij gewone macrofotografie was het voor dit project van belang dat er niet te veel wind stond. Omdat je zo dicht op de bloemen zit, is een klein zuchtje wind al voldoende om de foto onscherp te maken. Daarnaast heb ik vaak met een bewolkte lucht gefotografeerd, omdat de achtergrond (in dit geval bijna altijd de lucht) dan vrij rustig werd, zelfs een beetje studio-achtig, waardoor alle aandacht naar de details van de bloemen gaat. Soms zijn wolken en blauwe lucht ook wel mooi in dit soort foto's, maar ik vond dat die de beelden vaak ook wel een beetje rommelig maakten.
Sinds een jaar of 10 werk ik bijna uitsluitend in projecten. Heel af en toe ga ik nog wel eens op pad om zo maar zonder doel te fotograferen, maar dat is dan meer hobbymatig of om gewoon lekker bezig te zijn in de natuur. Projecten geven me focus en rust in het veld. Daarnaast kun je voor mijn gevoel nog wat meer van jezelf kwijt in een project, omdat het niet alleen gaat om de beelden, maar ook om het verhaal en de combinatie van beelden en de teksten.
Ik ben niet iemand van nauwgezette projectplannen. Het begint meestal met een thema dat in het begin nog vrij algemeen is. Naarmate het fotograferen vordert, baken ik het thema verder af. In het tweede deel van het project ga ik dan meestal nog wat gerichter te werk en ga ik bijvoorbeeld op zoek naar zoveel mogelijk variatie en nog ontbrekende bouwstenen. Er is bijna altijd sprake van voortschrijdend inzicht en bijschaving van het thema. Het voordeel van deze aanpak is voor mij dat ik in het begin heel vrij kan werken en dat ik geen kansen laat liggen omdat mijn blik al te beperkt is. I weet dat er ook fotografen zijn met hele strakke projectplannen en moodboards en dergelijke, maar dat zou voor mij niet werken.
Jazeker! Het is interessant dat je je blik zo kunt verruimen door jezelf te beperken. Dit past voor mij ook wel bij projectmatig werken. Door meer tijd aan een onderwerp te besteden en andere opties te negeren, ga je meer de diepte in. Ook kom je meer te weten over je onderwerp en krijg je er als het ware een diepere band mee, waardoor je ook andere dingen gaat zien en ervaren. Zoals ook bij de vorige vraag al aangegeven vind ik het prettig om richting en focus te hebben in mijn fotografie, bijvoorbeeld door het werken in projecten. Voordat ik dit deed, was ik vaak onrustig in mijn hoofd tijdens het fotograferen, zeker als de omstandigheden goed waren. Ik wilde dan te veel tegelijk en had veel te veel apparatuur bij me om maar niks te missen. Vaak was het resultaat van zo’n sessie dat ik van alles had geprobeerd en met veel beelden thuiskwam, maar dat geen van de foto’s echt beklijfde.
Ik kwam toen op een gegeven moment de uitspraak van Ansel Adams tegen: “Twelve significant photographs in any one year is a good crop.” Dat was een eye-opener voor me. Ik dacht: dat is maar 1 echt goede foto per maand! Die gedachte gaf me de rust om met veel meer zorg en aandacht te werken aan foto’s en om niet meer zo bang te zijn voor alle mogelijkheden die ik zou kunnen missen als ik te lang op 1 plek bleef hangen.
Ik geloof in het algemeen dat apparatuur niet heel belangrijk is voor het kunnen kunnen omzetten van je creativiteit in pakkende foto’s. Natuurlijk is het fijn om met goede spullen te kunnen werken, maar ik denk dat in de fotografie vaak te veel nadruk wordt gelegd op het belang van apparatuur en techniek. Maar dit project vormt wel een uitzondering, want zonder deze specifieke lens had ik mijn visie niet kunnen verwezenlijken. Hetzelfde geldt voor eerdere projecten waar ik onder water heb gefotografeerd, zoals “de reis van de herfstblaadjes”. Ook daar had ik mijn visie niet kunnen verwezenlijken zonder hele specifieke hulpmiddelen.

Net als jij werk ik graag in stilte en rust in de natuur, dan voel ik mij het fijnste en kom ik voor m'n gevoel tot de beste foto's. Maar in Nederland is dit erg lastig. Je bent hier zelden alleen in de natuur en stil is het bijna nooit.
Bij dit project was het zelfs nog een graadje erger dan anders, omdat ik veel langs drukke wegen en ook in dorpen en steden heb gefotografeerd, bijvoorbeeld in de berm of op braakliggende stukjes grond op industrieterreinen. Voor de natuurbeleving was dit zeker niet ideaal, maar ik heb gemerkt dat het voor de foto's in dit project niet uitmaakte. Met de blik naar boven zie je namelijk meestal niet of een foto in een ongerept stuk natuur is gemaakt of in een berm langs een drukke provinciale weg. Het heeft me ook geleerd dat ik soms mijn wensen ten aanzien van de natuurbeleving iets naar beneden moet schroeven omwille van het resultaat.
Ik heb de laatste jaren meerdere malen vaak het gevoel gehad dat het niet meer goedkomt met de wereld en met de natuur. De hoeveelheid slecht nieuws is overstelpend, terwijl aan de andere kant door het veranderde politieke klimaat oplossingen verder weg lijken dan ooit. Vooral de klimaatcrisis en het snelle verlies aan biodiversiteit baren me grote zorgen. Tegelijkertijd vind ik dat ik niet de hoop moet opgeven, mede omdat ik vader ben van twee puberdochters en ik me ook verantwoordelijk voel voor hun toekomst.
Het werken aan Flowerscapes heeft me weer hoop gegeven, omdat ik door het project heb gemerkt dat er weliswaar veel natuur verloren is gegaan, maar dat er ook nog altijd heel veel over is. Meer dan genoeg om voor te vechten! Daarnaast zijn er hoopvolle ontwikkelingen, zoals bijvoorbeeld de manier waarop gemeenten in Nederland omgaan met het maaibeleid. Er gaat daar nog veel mis, maar er zijn ook gemeenten waar er veel minder vaak gemaaid wordt en waar er gefaseerd gemaaid wordt, wat veel beter is voor bloemen en insecten. Dat soort kleine aanpassingen kan al een heel groot verschil maken, zeker als alle gemeenten dit gaan toepassen. Ook heeft het me hoop gegeven dat je wilde bloemen op de gekste plekken tegenkomt, ook in stedelijke omgevingen en andere plekken waar je het niet direct verwacht. Dit laat zien hoe veerkrachtig de natuur is. Ik heb die hoop inderdaad willen overbrengen door het boek heel kleurrijk en mooi te maken. Vaak heb ik bij het fotograferen een beetje overbelicht, dat maakt foto's lekker fris en positief.
Omdat ik graag ook zelf iets wilde doen om onze wilde bloemen te helpen heb ik achter in het boek tips opgenomen voor mensen met een balkon of tuin, waarmee je zowel bloemen als insecten op een vrij makkelijke manier kunt helpen. Zelfs als maar een paar van de lezers de tips gaan toepassen, worden er toch weer wat bloemen en insecten gered.
Dank, dat is een mooi compliment. Ik denk allebei: originaliteit komt voort uit wie ik ben en daarnaast is het ook wel iets waar ik bewust naar zoek. In deze tijd van beeldovervloed zoek ik wel erg naar manieren om dingen anders te doen dan andere fotografen. Het heeft naar mijn idee als kunstenaar niet veel zin dingen te herhalen die anderen al goed gedaan hebben. Natuurlijk is het niet mogelijk om met iedere foto origineel te zijn. Maar ik vind dat je er als (professioneel) fotograaf op z'n minst naar zou moeten streven om je werk persoonlijk en origineel te maken.
Tegelijkertijd heeft de één meer aanleg voor originaliteit en creativiteit dan de ander. Ik hoop en denk dat het wel een beetje in me zit. Ik heb me altijd wel een beetje een buitenbeentje gevoeld, zowel vroeger op school als later in mijn werk als advocaat en nu ook als fotograaf. Ik merk vaak dat ik net op een wat andere manier kijk naar de natuur. En dat koester ik, want het maakt het leven als fotograaf iets makkelijker. Als je origineel wilt zijn, moet je ook op jezelf durven vertrouwen en dat doe ik wel. De reacties op de eerste beelden in het Flowerscapes project waren wat wisselend, minder positief dan gehoopt, zoals ik wel vaker merk bij nieuwe en vernieuwende beelden. Maar ik ben in het project blijven geloven en ben heel blij dat ik heb doorgezet. Gek genoeg zijn de reacties nu positiever dan ik ooit eerder heb ervaren bij een project, dat is een mooie beloning.

Één van mijn favoriete foto's uit Theo's boek. De wilde cichorei bloeit op dit moment weelderig waar ik woon, langs de oevers van de rivier en in de Gelderse Poort. Deze heldere foto verbeeldt precies het vreugdevolle gevoel dat ik krijg als ik ze hier zie.
Mijn voorkeur voor intimate landscapes bestaat inderdaad al vanaf de start van mijn fotografie, inmiddels ruim 20 jaar geleden. Ik denk dat die voorkeur deels voortkomt uit het ‘opgroeien’ als natuur- en landschapsfotograaf in Nederland. Als je hier landschapsfoto's wilt maken zonder menselijke invloeden, dan word je werk al snel intiem. Immers, zodra je wat meer uitzoomt komt er al snel een kerktoren, een elektriciteitsmast of een windmolen in beeld. Daarnaast heb ik het idee dat je met intimate landscapes je werk persoonlijker kunt maken en dat heeft me altijd al aangesproken. Veel van de sublieme en epische landschappen worden op dezelfde plekken gemaakt op dezelfde manier en de originaliteit is daarom vaak ver te zoeken.
Ik probeer de trends en bewegingen binnen de wereld van de fotografie wel in de gaten te houden, maar probeer in mijn eigen werk mijn eigen autonome koers te varen. Dus het is meer uit professionele interesse dan als richtsnoer voor m'n eigen werk.
Toen ik in 2013 begon met professionele natuur- en landschapsfotografie was ik ervan overtuigd dat mijn werk een positieve bijdrage zou leveren aan natuur en milieu. Immers, dacht ik, je bent continu met natuur bezig en met je beelden inspireer je anderen om van de natuur te gaan houden en om die te beschermen. Inmiddels denk ik er wel anders over. Veel professionele landschapsfotografen zijn eigenlijk onderdeel geworden van de toeristenindustrie, omdat ze het leeuwendeel van hun brood verdienen met reizen begeleiden en workshops geven. Daar wordt de natuur niet per se beter van, integendeel, want de reizen gaan vaak gepaard met vliegen en groepen fotografen kunnen ook een flinke druk uitoefenen op een omgeving. En als de beelden al iets doen, is het meestal anderen verleiden om ook die fraaie gebieden te bezoeken.
Dit besef heeft er bij mij in geresulteerd dat ik mijn buitenlandse fotoreizen fors heb gereduceerd: ik doe nog 1 fotoreis per jaar naar IJsland en 1 reis naar een andere bestemming, bijvoorbeeld Noord-Spanje of Portugal. Ook probeer ik de reizen minder belastend te maken, door waar mogelijk duurzame accommodaties te kiezen en binnenlandse vluchten te vermijden. Ik vraag tegenwoordig ook altijd aan deelnemers om de locaties niet te vermelden bij het plaatsen van foto’s op social media en ook anderszins niet te delen, tenzij ze al heel bekend zijn. Dat helpt verrassend goed, want veel van deze plekken zijn na vele jaren nog altijd onbekend.
En soms kom ik in gebieden of op plekken die door de vele fotomogelijkheden uitermate geschikt zouden zijn voor een fotoreis of workshop, maar zie ik daar toch vanaf vanwege de mogelijke impact op de natuur. Je moet je je daarbij als fotograaf goed realiseren dat er altijd een mogelijk sneeuwbaleffect kan optreden. Dat jij zelf een of twee keer per jaar een fotoreis organiseert naar een gebied is niet zo erg, maar mooie foto's en enthousiaste verhalen van anderen trekken altijd weer nieuwe fotografen en nieuwe fotoreizen aan en dat kan uiteindelijk resulteren in een enorme aanzuigende werking. Dus soms houd ik mijn ontdekkingen lekker voor mezelf. Soms is dat ook wel jammer, want ik wil graag mijn enthousiasme met anderen delen.

Dit is een andere favoriete foto van mij uit Theo's boek. Veel van mijn vrienden en kennissen die het boek hebben ingezien waren ook erg onder de indruk van deze foto
Dat klopt. Mijn workshops zijn bijna nooit gericht op techniek en meestal is het ook niet per se de insteek om tijdens de workshops zelf fantastische beelden te maken. Ik probeer meer om zaadjes te planten, waarmee mensen kunnen gaan werken aan hun eigen creativiteit en waarmee ze hun werk persoonlijker kunnen maken. Het is – kortom – niet de makkelijke weg: geen kant en klare beeldrecepten die leiden tot snel resultaat, maar werken aan de langere termijn. Het is mooi om te zien dat sommige mensen dat heel goed oppikken en echt flink groeien in relatief korte tijd. Wat ik zelf van de deelnemers van mijn workshops en fotoreizen leer, is dat er altijd weer andere invalshoeken mogelijk zijn. Het is heerlijk om regelmatig verrast te worden met bijzondere beelden gemaakt op locaties die ik heel goed ken.
Daarnaast ben ik de laatste jaren veel bezig met 1:1 online coaching. Daar kun je wat persoonlijker te werk gaan en ga je samen wat meer de diepte in dan bij de groepsworkshops. Daarnaast heeft het voor mij als voordeel dat ik het overal kan doen waar er wifi is ;-)
Ja dat klopt, mijn eigen verwondering is inderdaad leidend in mijn fotografie. En ik ben iemand voor wie het glas halfvol is, dus ik leg graag de nadruk op het positieve. Ik wil niet mijn ogen sluiten voor alle negatieve ontwikkelingen, maar ik ben niet geschikt om die goed in beeld te brengen. Door te focussen op schoonheid blijft het voor mezelf leuk en ik denk inderdaad dat ik er ook meer mee bereik.
Ik denk zeker dat goede fotografie persoonlijk is en iets vertelt over het karakter van de fotograaf en/of diens gevoel op het moment dat de foto’s genomen werden. Ik denk alleen dat je het niet te letterlijk moet nemen. Bovendien is er altijd ook de kijker van een foto, die zijn eigen persoonlijkheid en gevoel meeneemt bij het bekijken van je foto. Hoe abstracter een beeld is, hoe meer ruimte er is voor eigen interpretatie en gevoelens die misschien afwijken van die van de fotograaf. Maar zelfs bij documenterende en journalistieke foto’s zie je altijd wel iets terug van de persoonlijkheid van de fotograaf, door bijvoorbeeld de onderwerpkeuze en de manier hoe dingen in beeld zijn gebracht. Fotografie is waarschijnlijk veel persoonlijker dan veel mensen zich realiseren.
Ja dat denk ik zeker. Tegelijkertijd vind ik het best lastig om concreet te beschrijven wat ik dan precies allemaal over mezelf geleerd heb. Misschien kan ik wel 1 voorbeeld geven. Als ik mijn eigen werk bekijk, zie ik dat ik graag de chaos op zoek om die vervolgens zo goed mogelijk te organiseren. Er zit denk ik altijd balans in mijn foto’s, ook als de composities wat complexer zijn. Toen ik nog werkte als advocaat vond ik het ook al leuk om complexe vraagstukken op te lossen en terug te brengen tot overzichtelijke proporties. Daaraan ten grondslag ligt denk ik een grote behoefte aan harmonie. Die behoefte voel ik sterk in mijn persoonlijke leven en vertaal ik kennelijk ook naar mijn werk.

Toen ik Theo vroeg naar zijn eigen favoriete foto uit het boek, noemde hij deze van het Hazenpootje. Hier is goed te zien hoe Theo in de chaos orde weet te scheppen en dat de zachtheid van de bloem zelf verbeeld wordt in de foto
Ha Ellen, jouw persoonlijke boodschap sluit denk ik heel goed aan bij mijn bedoelingen. Daar zou ik nog aan willen toevoegen: neem dingen in de natuur niet voor lief! Zelfs de meest gewone bloemen in de berm om de hoek zijn complexe en wonderschone organismen, die prachtig en heel geraffineerd in elkaar steken. Ze zijn onze aandacht en onze bescherming volledig waard!
Tenslotte: Ellen, veel dank voor je mooie woorden over het boek, voor de inspirerende vragen in dit interview en voor de gelegenheid om over mijn werk en over Flowerscapes te vertellen in je nieuwsbrief, zeer gewaardeerd!
Het boek Flowerscapes is verkrijgbaar in Theo's webshop, in een Engelse en Nederlandse editie: https://www.theobosboom.nl/webshop/